HOME


INLEIDING

HOOFDSTUK I
01. Rechtvaardigheid
02. De uitverkorenen
03. De nieuwe Mens
04. Van Oude naar Nieuwe Testament
05. Volmaakt in één leven?
06. Twee wegen, één leven

HOOFDSTUK II:
01. De leerschool
02. Karma in de Bijbel
03. Handelen
04. De zonde
05. Groepskarma
06. Vergankelijk, onvergankelijk zaad

HOOFDSTUK III:
01. Reïncarnatie en de ziel
02. De cyclus van de ziel
03. De ziel in de Bijbel
04. Incarnatie en excarnatie
05. Herleven
06. Wederkeren
07. Het dal der macaberen

HOOFDSTUK IV:
Inleiding
01. De zonnegod Ra
02. Chnoem, de pottenbakker
03. Osiris en de morgenster

HOOFDSTUK V:
01. Elia en Johannes de Doper
02. Koning Saul en Paulus
03. Koning Salomo en Prediker
04. Christus
05. Wederkomst van Jezus/Christus
06. Koning David en Jezus

AFBEELDING A

Karma en reïncarnatie in de Bijbel

Inleiding

Heeft de mens maar één leven of doorloopt hij meerdere levens? In deze publicatie hopen we hier een antwoord op te vinden.
Volgens de Kerk laat de Bijbel niets aan duidelijkheid te wensen over. Het Boek der boeken zou nadrukkelijk verkondigen dat er maar één leven is en daarmee is de kous af. Voorstanders van reïncarnatie houden daarentegen halsstarrig vol, dat de Geschriften wel degelijk getuigen van reïncarnatie. Volgens hen zouden de teksten die over dit onderwerp handelden, zodanig verminkt en onder tafel zijn geschoffeld, dat er nog maar weinig te traceren valt. Om hun vermoedens kracht bij te zetten, zochten zij naar een motief en dit bleek er ook te zijn.

Na de tijd van de apostelen werd er onder invloed van de Romeinse keizers steeds meer gesleuteld aan de
oude Geschriften en de berichtgeving die de eerste christenen over Jezus hadden achtergelaten.
Drie eeuwen na de dood van Jezus - om precies te zijn in het jaar 325 na Chr.- riep keizer Constantijn het eerste concilie van Nicea bijeen, waaraan een groot aantal bisschoppen deelnamen. Zo’n beetje alles wat aan reïncarnatie herinnerde, zou toen uit de Geschriften zijn gebannen. Ten eerste omdat reïncarnatie de macht van de Kerk ondermijnde; ten tweede gaan er stemmen op die beweren dat keizer Constantijn fel tegen reïncarnatie gekant was, omdat hij moeite zou hebben gehad met het idee dat hij zelf in een vorig leven slaaf was geweest of in een volgend leven slaaf zou worden!

Daar de Kerk de sleutel in handen had die toegang gaf tot het eeuwige Leven, kreeg zij in de loop der tijd steeds meer grip op de bevolking. Het soort leven dat de Kerkvaders voorschreven om een plaatsje in de hemel te kunnen verwerven, begon zo’n beetje bij de voordeur van de kerk en eindigde bij de achterdeur die naar het kerkhof leidde. Een goed leven betekende gehoorzaamheid aan God, maar vooral gehoorzaamheid aan de kerkleiders, die bemiddelden tussen de mens en God.
Probleem was ongetwijfeld dat in weerwil van alle goede voornemens het vlees zwak was, en een misstap snel begaan. Sinds Adam en Eva zat de zonde immers als natuurlijke eigenschap ingebakken. Aangezien de Kerk beweerde dat de mens slechts één leven had, rees als bijkomstig probleem dat alle begane fouten ook in één leven weer hersteld moesten worden, wat neerkwam op een nauwelijks te volbrengen opdracht. Dus verzon men een list om deze heikele kwestie in de kiem te smoren: een plekje in de hemel werd te koop aangeboden en een schuld kon worden afgelost door een aflaat.

Stel nu dat er destijds sprake zou zijn geweest van reïncarnatie in de Bijbel. Er waren dan vele levens geweest en talloze gelegenheden om fouten recht te zetten en schulden af te lossen, waarmee het afkopen van zonden overbodig zou zijn geworden.
Bovendien houdt reïncarnatie automatisch de wet van karma in: actie is reactie, zoals gij zaait zult gij oogsten. Karma impliceert dus dat de mens zélf verantwoordelijk is voor zijn lot en zielenheil.
Bij zo’n standpunt kán de Kerk de helpende hand reiken; als een soort herder, wijze leider of leermeester goede raad verschaffen, maar staat zij in wezen aan de zijlijn. Met andere woorden: door vast te houden aan één leven, wist de Kerk haar machtspositie te consolideren, maar door reïncarnatie te verkondigen zou zij die verloren hebben. En per slot van rekening kan dit inderdaad een motief geweest zijn om bijbelteksten die over reïncarnatie handelden uit de Heilige Schrift te elimineren, ofwel te verbloemen.

Bovenstaande roept de vraag op hoe het nu precies zit. Heeft de mens inderdaad maar één leven of was (en is) er sprake van reïncarnatie in de Bijbel? Moeten wij op en neer langs het kerkpad om Verlichting te bereiken of kunnen we ons levenspad in ruimer perspectief opvatten, en uitspreiden over meerdere levens?
In feite is dit de hamvraag.

De ervaring leert dat er over reïncarnatie nogal wat misverstanden bestaan, die uit de wereld moeten worden geholpen. Zo duikt er rond het thema een hele rij begrippen op die wij eerst helder moeten definiëren, alvorens wij naar een antwoord kunnen zoeken. Wat wordt er precies bedoeld met de mens en met zijn ziel? Wat bedoelt de Bijbel met het ene leven en wat met wedergeboorte?

Jb.14:14- 
Als een mens sterft, zou hij herleven?

Het vraagstuk over leven en dood en wat er na de dood met een mens gebeurt, is altijd een mysterie geweest, waar men hooguit naar kon gissen. Hoe wij bovenstaand fragment dienen te interpreteren, is niet een, twee, drie opgelost, want wat wordt er hier bedoeld met herleven?  Zal de mens na zijn dood in een hiernamaals herleven, of zal hij na zijn dood weer op aarde herleven? Of betreft het wellicht beide situaties? De moeilijkheid is, dat zulke dubbelzinnige opmerkingen - waar de lezer in feite alle kanten mee op kan - vaker in de Bijbel voorkomen en het vraagstuk rond reïncarnatie bemoeilijken.

Maar er bestaan meer vingerwijzingen dat reïncarnatie een rol speelt in de Bijbel. Het thema staat namelijk niet op zichzelf, maar is onderdeel van een uitgebreid kosmisch “programma”, waartoe ook wetmatigheden als dualiteit (leven en dood), karma, lotsbestemming, lijden en rechtvaardigheid behoren. Zie hiervoor de publicatie: “kosmische samenhang”.
Aangezien alle aanverwante onderwerpen veelvuldig in de Geschriften aan de orde komen, is er een ander uitgangspunt van redenering mogelijk. Het is dan immers alsof we naar een foto kijken van een gezicht waarop alleen de neus ontbreekt, terwijl het zo klaar als een klontje is dat die neus er ooit heeft aangezeten. Bij de vele uitspraken die zowel in het Oude als Nieuwe Testament naar karma en lotsbestemming verwijzen, schemert reïncarnatie dus op de achtergrond door.

Het is niet zonder reden dat de Heilige Schrift op talloze punten een onbegrijpelijk boekwerk is, vooral omdat er in de praktijk weinig terecht komt van Gods rechtvaardigheid als wij maar één leven zouden bezitten. Waarom bijvoorbeeld is het leven dan voor de ene mens een tranendal, terwijl het zijn buurman voor de wind gaat? De Bijbel geeft hier een antwoord op, dat eigenlijk geen antwoord is: Gods wegen zijn nu eenmaal ondoorgrondelijk.

Js.55:08- 
Want mijn gedachten zijn niet uw gedachten en uw wegen zijn niet mijn wegen, luidt het woord de HEREN. Want zoals de hemelen hoger zijn dan de aarde, zo zijn mijn wegen hoger dan uw wegen en mijn gedachten hoger dan uw gedachten.

Hd.13:41-
Ziet, verachters, en verwondert u en verdwijnt; want Ik werk een werk in uw dagen, een werk, dat gij voorzeker niet zult geloven, als iemand het u verhaalt.

Ga verder met vervolg inleiding »