HOME

"KEN UZELVE"

INLEIDING

HOOFDSTUK I: De persoon

01. Geen aanzien des persoons
02. Begoocheling
03. Egoïsme
04. Over mijn en dijn
05. Begeerte
06. De buik
07. De slavernij

HOOFDSTUK II: Ken uzelve

01. Het Zelf
02. De ziel
03. De nieuwe Mens

HOOFDSTUK III: Transformatie

01. Meerdere niveaus
02. Denken
03. Willen
04. Gevoelens
05. De schillen afpellen
06. De aarden vaten
07. Binnen en buiten

HOOFDSTUK IV: Verwantschap

01. De wet van analogie
02. Zo vader, zo zoon
03. Allen zonen Gods
04. De kinderkens
05. Het zaad
06. Erfelijkheid
07. Erfgenamen en erfdeel
08. Broeders en zusters


"KEN UZELVE"

Jr.14:07-                    
HERE, doe het om uws naams wil.

De naam van de HERE is JHWH, de Zijnde. Om Uw Naams Wil: volgens de wil te Zijn

Mt.06:08-       
(...) want [God] uw Vader weet, wat gij van node hebt, eer gij Hem bidt. Bidt gij dan aldus:
Onze Vader, die in de hemelen zijt,
uw naam worde geheiligd;
uw Koninkrijk kome;
uw wil geschiede,
gelijk in de hemel alzo ook op de aarde.

De afgelopen jaren zijn er heel wat discussies ontstaan over de vraag in hoeverre de mens een vrije wil heeft, als hij uiteindelijk toch moet doen wat God wil. Niettemin is het antwoord vrij eenvoudig, als we bedenken, dat de mens niets liever wil dan thuis zijn bij zijn eigen identiteit te Zijn, terwijl deze identiteit samenhangt met het kosmisch Zijn. Iemand die Gods wil doet, is dus iemand die zijn eigen individuele Zijnspatroon binnen de context van het Totaal-Zijn weeft. Hij is als een kind, die graag op zijn vader wil lijken, en derhalve vaders wil op vrijwillige basis uitvoert.

04. Gevoelens

Gelijk er verschil bestaat tussen lagere gedachtebeelden en hogere denkbeelden, tussen begeerte en hogere wil, zo bestaat er ook een onderscheid tussen lagere emoties en hogere gevoelens.
Tot de lagere emoties behoren ondermeer haat, jaloersheid angst, onzekerheid en bezorgdheid.
Tot de hogere gevoelens behoren vrede, vriendelijkheid, mededogen, broederschap en onbaatzuchtige liefde, die eigenschappen van de ziel zijn.

1Jh.04:18-      
Er is in de liefde geen vrees, maar de volmaakte liefde drijft de vrees uit; want de vrees houdt verband met straf en wie vreest is niet volmaakt in de liefde.

1Cor.13:04-   
De liefde is lankmoedig,                    
de liefde is goedertieren,      
zij is niet afgunstig,                
de liefde praalt niet,               
zij is niet opgeblazen,            
zij kwetst niemands gevoel,  
zij zoekt zichzelf niet,             
zij wordt niet verbitterd,
zij rekent het kwade niet toe.                                   
Zij is niet blijde over ongerechtigheid, maar zij is blijde met de waarheid.

Blijdschap, vriendelijkheid en mededogen behoren tot de hogere gevoelens.

Flp.04:04-      
Verblijdt u in de Here te alle tijde! Wederom zal ik zeggen: Verblijdt u! Uw vriendelijkheid zij alle mensen bekend.

Ps.25:16-                    
Wend u tot mij en wees mij genadig
want eenzaam ben ik en ellendig.
De benauwdheden mijns harten hebben zich uitgebreid
voer mij uit mijn angsten.

Spr.22:24-      
ga niet om met een driftkop
en laat u niet in meteen heethoofd
opdat gij niet gewend raakt aan zijn paden
en uzelf een strik spant.

Col.03:0?-      
Maar thans moet ook gij dit alles wegdoen: toorn, heftigheid, kwaadaardigheid, laster en vuile taal uit uw mond.

2Cor.07:05-   
Want toen wij in Macedonië kwamen, had ons vlees geen rust of duur, want wij waren van alle kanten in de druk: van buiten strijd van binnen vrees.

Bitterheid, gramschap en toorn moeten veranderd worden in vriendelijkheid.

Ef.04:31-                    
Alle bitterheid, gramschap, toorn, getier en gevloek worde uit uw midden gebannen, evenals alle kwaadaardigheid. Maar weest jegens elkander vriendelijk, elkander vergeven (…).

 05. De schillen afpellen

Uit het voorafgaande valt af te leiden, dat de totale mens uit verschillende niveaus van Zijn bestaat, bijvoorbeeld (van buiten naar binnen gezien) de Drie-eenheid lichaam, ziel en geest. Om een hoger niveau van Zijn te kunnen realiseren, moeten de persoonlijke aspecten van het lager ego plaatsmaken voor het hoger Zelf; emoties, begeertes enz. moeten transformeren in hogere kwaliteiten. We kunnen de verschillende aspecten van het ego opvatten als de schillen rond onze Kern te Zijn, die afgepeld moeten worden.
Marcus Aurelius zei hierover:

Ga verder met hoofdstuk III, paragraaf 05 »