HOME

DE WET VAN ANALOGIE

HET DUALITEITSPRINCIPE
Inleiding
Hoofdstuk I: functies van dualiteit
01. Dualiteit en schepping
02. Dualiteit en verandering
03. Dualiteit en beweging
04. Dualiteit en evenwicht
05. De weegschaal
Hoofdstuk II: valkuilen van dualiteit
01. Scheuring en verdeeldheid
02. Dualiteit en strijd
03. Dualiteit en scheiding
04. Geen partij kiezen
05. Dualiteit en begoocheling
06. Horizontale en verticale lijn
07. Drie fasen van bewustzijn.
Hoofdstuk III: voorbeelden
01. Opkomst en ondergang zon
02. Leven en dood
03. Opbouw en afbraak
04. Goed en kwaad
05. Man en vrouw
06. Links en rechts
07. Nog meer voorbeelden

DE KRINGLOOP
01. Het geocentrisch wereldbeeld
02. Kringloop in de Bijbel
03. Kringloop en mythologie
04. Kringloop en tijd
05. Kringloop en bestemde tijd
06. Kringloop en het lot
07. Zieners en droomuitleggers

DE GROEISPIRAAL
01. Inleiding
02. De toren van Babel
03. Verzamelen en verstrooien
04. Door de wind voortgedreven
05. Als het Rad stilstaat

kosmische samenhang

Gn.02:18-
En de HERE God zeide: Het is niet goed, dat de mens alleen zij. Ik zal hem een hulp maken die bij hem past.

Dezelfde tekst uit 1910 legt de betekenis van de rib iets duidelijker uit

Gn.02:18-
Ook had de HERE gesproken: het is niet goed dat de mens alleen zij. Ik zal hem een hulpe maken, die als tegen hem over zij.

Om de fysieke vorm te kunnen formeren, waren er tegengestelden nodig (als tegenover hem zij).
Vervolgens lezen we:

Gn.02:07-
Toen formeerde de HERE God de mens van stof uit de aardbodem en blies de levensadem in zijn neus.; alzo werd de mens een levend wezen.

Toen het stoffelijk lichaam eenmaal was geformeerd, kon de levensadem erin geblazen worden (Gn.02:07 levert een tweede versie van het verhaal).
De betekenis van de rib is langs etymologisch weg wel te verklaren, want zij blijkt in verband te staan met rep, roef en rips: vlechtwerk en dichtgeweven geribde stof. Het stoffelijk lichaam ontstond dus door het te weven. Anders geformuleerd: de uiteenvalling door dualiteit beweegt zich in de richting van steeds lagere gebieden van verdichting. De twee valt uiteen in vier, de vier in twaalf, enzovoort tot er totale verdichting en verstrooiing optreedt.
Tijdens het paradijsverhaal, speelt de rib in de betekenis van zijde nog steeds een rol, maar lijkt de androgyne mens zich te splitsen in twee afzonderlijke lichamen: de man en de vrouw.

Gn.03:12-
Toen zeide de mens: De vrouw, die Gij aan mijn zijde gesteld hebt, die heeft mij van de boom gegeven en toen heb ik gegegeten.

G.03:04-
En de mens noemde zijn vrouw Eva, omdat zij de moeder van alle levenden is geworden.

Mc.10:06-
Maar van het begin der schepping heeft Hij hen als man en vrouw gemaakt, daarom zal een man zijn vader en moeder verlaten, en die twee zullen tot één vlees zijn. Zo zijn zij niet meer twee, maar één vlees. Hetgeen dan God samengevoegd heeft, scheidde de mens niet.

Mc.10:06 verwijst nog naar de androgyne mens (zijn vrouwelijke en mannelijke kant), maar geheel volgens de wet van analogie werd de constructie doorgetrokken tot het huwelijk: man en vrouw mochten niet scheiden.

Ml.02:14-
Want Ik haat de echtscheiding zegt de HERE (…).

Gl.03:28-
Hierbij is geen sprake van Jood of Griek, van slaaf of vrije, van mannelijk of vrouwelijk; gij allen zijt immers één in Christus.

1Cor.11:11-
En toch, in de Here is evenmin de vrouw zonder man iets, als de man zonder vrouw. Want gelijk de vrouw uit de man is, zo is ook de man door de vrouw; alles is echter uit God.

Het dualiteitsprincipe vertelt ons dat het een uit het ander ontstaat, en tegenstellingen wezenlijk op elkaar betrokken zijn. De man ontleent zijn bestaan aan de vrouw en andersom.

06. Links en rechts

In het Egyptisch Dodenboek lezen we, dat de overledene kon worden opgeheven aan de linker en rechter zijde, hetgeen blijkbaar tot stand kon komen wanneer de paren van tegenstelling in Evenwicht waren. Het evenwicht tussen linker en rechter zijde komt eveneens in de Bijbel ter sprake, maar op verschillende niveaus.

Op een dag kwam de moeder der zonen van Zebedéüs bij Jezus met de volgende vraag:

Mt.20:21-
Zeg, dat deze mijn twee zonen mogen zitten, één aan uw rechterzijde en één aan uw linkerzijde in uw Koninkrijk.

Mt.20:22-
En Jezus antwoordde en zeide: Gij weet niet wat gij vraagt (…) het zitten aan mijn rechterzijde en linkerzijde staat niet aan Mij te geven, maar het is voor hen, voor wie het bereid is door mijn Vader.

Volgens het zelfde principe stonden er - naar Grieks model - voor de tempel in Jeruzalem twee zuilen opgesteld. Zij hadden een een belangrijke betekenis, want zij symboliseren de paren van tegenstelling die men in evenwicht moest brengen alvorens de innerlijke tempel kon worden betreden.

2Kr.03:17-
Hij stelde de zuilen voor de tempel, één aan de rechter -  en één aan de linkerkant en noemde de rechter Jachin en de linker Boaz.

1Cor.06:19-
Of weet gij niet, dat uw lichaam een tempel is van de Heilige Geest, die in u woont (…)?

2Cor.06:16-
Wij toch zijn de tempel van de levende God (…).

Ga verder met hoofdstuk III, paragraaf 06 »