HOME

DE WET VAN ANALOGIE

HET DUALITEITSPRINCIPE
Inleiding
Hoofdstuk I: functies van dualiteit
01. Dualiteit en schepping
02. Dualiteit en verandering
03. Dualiteit en beweging
04. Dualiteit en evenwicht
05. De weegschaal
Hoofdstuk II: valkuilen van dualiteit
01. Scheuring en verdeeldheid
02. Dualiteit en strijd
03. Dualiteit en scheiding
04. Geen partij kiezen
05. Dualiteit en begoocheling
06. Horizontale en verticale lijn
07. Drie fasen van bewustzijn.
Hoofdstuk III: voorbeelden
01. Opkomst en ondergang zon
02. Leven en dood
03. Opbouw en afbraak
04. Goed en kwaad
05. Man en vrouw
06. Links en rechts
07. Nog meer voorbeelden

DE KRINGLOOP
01. Het geocentrisch wereldbeeld
02. Kringloop in de Bijbel
03. Kringloop en mythologie
04. Kringloop en tijd
05. Kringloop en bestemde tijd
06. Kringloop en het lot
07. Zieners en droomuitleggers

DE GROEISPIRAAL
01. Inleiding
02. De toren van Babel
03. Verzamelen en verstrooien
04. Door de wind voortgedreven
05. Als het Rad stilstaat

kosmische samenhang
EINDE

Ex.14:21-
Zo gingen de Israëlieten in het midden der zee op het droge, terwijl links en rechts de wateren voor hen waren als een muur.

Door niet naar links of rechts uit te wijken, wandelde men op het Middenpad (het Rechte Pad, ofwel de Weg des HEREN).

Jz.23:06-
Weest zeer standvastig in het onderhouden en volbrengen van alles wat geschreven staat in het wetboek van Mozes, opdat gij daarvan niet afwijkt naar rechts of links (…).


07. Nog meer voorbeelden


Toen de Israëlieten bij het Beloofde Land aankwamen, werden zij eerst getoetst of zij onderscheid zouden maken tussen de paren van tegenstelling, zo valt Nm.13:17 althans te interpreteren.

Nm.13:17-
Mozes dan zond hen uit om het land Kanaän te verspieden en zeide tot hen: Trekt hier het Zuiderland in en trekt op naar het bergland, en ziet hoe het land is, en of het volk dat erin woont, sterk is of zwak, klein of talrijk; en of het land, waarin het woont, goed is of slecht, hoe de steden zijn, waarin het woont, of het in legerplaatsen woont dan wel in vestingen, en of het land vet is of schraal, of er bomen op staan of niet.

Een hele rij tegenstellingen wordt hier opgesomd: sterk of zwak, klein of talrijk, goed of slecht, vet of schraal.

Waar het de productie van beelden betrof, was de dualiteit goud (zon) en zilver (maan) van toepassing.

Ex.20:33-
(…) gij zult naast Mij geen goden maken; noch van zilver; noch van goud zult gij ze maken.

Men mocht zich niet identificeren met de vormenwereld die is opgebouwd uit dualiteit. Symbolisch gesproken mocht men geen beelden maken van zilver en goud.

Nm.21:18-
Al gaf Balak mij zijn huis vol zilver en goud, ik zou niet in staat zijn het bevel van de HERE, mijn God, te overtreden, door iets kleins of iets groots te doen.

2Cor.01:18-
Bij de trouw van God: ons spreken tot u is niet ja of nee (…), maar in Hem is het Ja. Want hoeveel beloften Gods er ook zijn, in Hem is het Ja.

Het Ja met een hoofdletter, staat boven de tegenstelling ja óf nee.

Jb.33:14-
Want God spreekt op één wijze, of op twee, maar men let daar niet op.

Eén verwijst naar Eenheid, twee naar dualiteit; het zijn de twee manieren waarop God spreekt en handelt.

Lc.11:40-
Onverstandigen, heeft Hij die de buitenzijde gemaakt heeft, ook niet de binnenzijde gemaakt?

In het Egyptisch Dodenboek lezen wij: “Ik ben hij die sluit en hij die opent, en toch ben ik één”.

Soortgelijke uitspraak komen we evenzo in het Nieuwe Testament.

Opb.03:07-
Dit zegt de Heilige, de Waarachtige, die de sleutel Davids heeft, die opent en niemand zal sluiten, en Hij sluit en niemand opent. Ik weet uw werken; zie, Ik heb u een geopende deur voor uw aangezicht gegeven, die niemand kan sluiten (…).

Het gaat hierbij om twee tegengestelde handelingen door één en hetzelfde voorwerp uitgevoerd: de sleutel.
Hij opent door een draaiende beweging naar links.
Hij sluit door een draaiende beweging naar rechts.

 

 

Ga naar onderwerp KRINGLOOP »