HOME

DE WET VAN ANALOGIE

HET DUALITEITSPRINCIPE
Inleiding
Hoofdstuk I: functies van dualiteit
01. Dualiteit en schepping
02. Dualiteit en verandering
03. Dualiteit en beweging
04. Dualiteit en evenwicht
05. De weegschaal
Hoofdstuk II: valkuilen van dualiteit
01. Scheuring en verdeeldheid
02. Dualiteit en strijd
03. Dualiteit en scheiding
04. Geen partij kiezen
05. Dualiteit en begoocheling
06. Horizontale en verticale lijn
07. Drie fasen van bewustzijn.
Hoofdstuk III: voorbeelden
01. Opkomst en ondergang zon
02. Leven en dood
03. Opbouw en afbraak
04. Goed en kwaad
05. Man en vrouw
06. Links en rechts
07. Nog meer voorbeelden

DE KRINGLOOP
01. Het geocentrisch wereldbeeld
02. Kringloop in de Bijbel
03. Kringloop en mythologie
04. Kringloop en tijd
05. Kringloop en bestemde tijd
06. Kringloop en het lot
07. Zieners en droomuitleggers

DE GROEISPIRAAL
01. Inleiding
02. De toren van Babel
03. Verzamelen en verstrooien
04. Door de wind voortgedreven
05. Als het Rad stilstaat
06. Het getal zeven
07. In doeken gewikkeld

kosmische samenhang

Hbr.07:07-
Nu is het onwedersprekelijk zo, dat het mindere door het meerdere wordt gezegend.

Spr.28:22-
Een man boos van oog hunkert naar rijkdom en hij weet niet, dat gebrek hem zal overkomen.

Dt.04:02-
Gij zult aan wat Ik u gebied, niet toedoen en daarvan niet afdoen, opdat gij de geboden van de HERE, uw God, onderhoudt, die Ik u opleg.

Rm.15:01-
Wij, die sterk zijn, moeten de gevoeligheden der zwakkeren verdragen en niet onszelf behagen.

Js.41:18-
Ik zal op kale heuvels rivieren doen ontspringen en bronnen te midden der valleien; Ik zal de woestijn tot een waterplas maken en het dorre tot waterbronnen.

Lc.12:48-
Van ieder, wie veel gegeven is zal veel geëist worden, en aan wie veel is toevertrouwd van hem zal des te meer worden gevraagd.

De achterliggende principes van bovenstaande fragmenten kende men ook in het oude Egypte. Zo lezen wij in het Egyptische Dodenboek dat de Alheer beoordeelt wat te kort schiet en te veel is.

Ez.21:26-
Verhoog wat laag is en verlaag wat hoog is.

Js.02:12-
Want er is een dag van de Here der heerscharen tegen al wat hoogmoedig is en trots, en tegen al wat zichzelf verheft, opdat het vernederd worde (…).

Mt.23:12-
Al wie zichzelf zal verhogen, zal vernederd worden. En al wie zichzelf zal vernederen, zal verhoogd worden.

Verhogen en vernederen, alle tegenstellingen keren om en doen zich in cyclisch verband voor.

Ez.17:24-
Alle bomen des velds zullen weten, dat Ik de Here de hoge boom vernederd en de nederig boom verhoogd heb, de sappige boom heb doen verdorren en de dorre heb doen uitspruiten.

05. De weegschaal

Het meest toepasselijke symbool voor evenwicht is uiteraard de weegschaal, die vooral zijn nut bewees bij het Fenicische handelsleven. Etymologisch vinden we de volgende aanknopingspunten:

wiegen             -wiegen, heen en weer bewegen;
wa^ghe            -golf;
wag                 -zee, golvend water;
wegs                -woestheid van golven;
wegan             -uit de ruststand komen, bewegen (dus be-wegen).

Spr.20:23-
Tweeërlei gewicht is de HERE een gruwel en een valse weegschaal is verkeerd. Van de HERE zijn de schreden eensmans, maar een mens –hoe zal hij zijn weg doorzien.

Het getal twee (tweeërlei) verwijst naar dualiteit. De HERE is Eén (eensmans).

Dt.25:13-
Gij zult in uw buidel geen tweeërlei gewicht hebben, een groot en een klein. Gij zult in uw huis geen tweeërlei efa hebben een groot en een klein.

Spr.20:10-
Tweeërlei gewicht, tweeërlei maat, beide zijn de HERE een gruwel.

De weegschaal vervulde in het oude Egypte een bijzondere taak bij het gericht over de doden en het wegen van de ziel. Het hart van de dode werd tijdens het ritueel gewogen tegen de veer van Maät, een godin die werd afgebeeld met een struisvogelveer op haar hoofd en de personificatie was van de kosmische Orde, het natuurlijk Evenwicht, de Waarheid en de Rechtvaardigheid.

Jb.31:06-
Hij wege mij op een zuivere weegschaal, dan zal God mijn onschuld erkennen.

Eeuwen later redeneerde Cicero (107-43 voor Chr.), Romeins redenaar en filosoof  als volgt:

Wat door een natuurlijk proces beweegt, gaat ofwel door zijn gewicht omlaag ofwel door zijn lichtheid omhoog.

In de Bijbel zijn het de geringen (figuurlijk: degenen die geen gewicht in de schaal legden) die te licht werden bevonden. In feite waren zij dus te zwaar, zodat zij moesten onderduiken in het dodenrijk.

Ga verder met hoofdstuk I, paragraaf 05 »